Zelfontplooiing is best wel een ding in de huidige maatschappij. Zeker ook in de kerk. En dat is op zich een goede zaak. Ik had zelf een stevige schulp waar ik de laatste jaren doorheen heb moeten breken en zo langzamerhand begin ik die steeds meer achter me te laten. Worden wie je bent, ongehinderd door angst of schaamte. Niet volmaakt – verre van – maar wel authentiek, echt, onbevangen. We zijn kostbaar gemaakt en bedoeld om te schitteren. God roept ons uit de rotskloof naar buiten: laat mij je gezicht zien, laat mij je stem horen, want je stem is zo lieflijk, je gezicht zo bekoorlijk (Hgl. 2:14). Zijn liefde en waardering voor ons maakt dat we het aandurven, stapje voor stapje. Zijn aanwezigheid vult ons met moed en zekerheid.

Zo verging het ook de discipelen tijdens de drie jaar dat ze met Jezus optrokken. Ze transformeerden van eenvoudige arbeiders naar mensen vol visie, geloof en verwachting. Ineens ontdekten ze dat ze voor veel meer bestemd waren, en ze konden niet wachten om hun plek in te nemen in Gods grote plan. Ze begonnen zelfs zo hoog van zichzelf te denken dat er onder hen onenigheid ontstond over de vraag wie van hen de belangrijkste was. Jezus’ antwoord: de belangrijkste van jullie moet de minste worden en de leider de dienaar…Ik ben in jullie midden als iemand die dient (Lk. 22:26, 27).
Tijdens de laatste avond met zijn discipelen demonstreert Jezus dit op een krachtige manier:

Jezus, die wist dat de Vader hem alle macht had gegeven, dat hij van God was gekomen en weer naar God terug zou gaan, stond tijdens de maaltijd op. Hij legde zijn bovenkleed af, sloeg een linnen doek om en goot water in een waskom. Hij begon de voeten van zijn leerlingen te wassen en droogde ze af met de doek die Hij omgeslagen had. (Joh. 13:3-4)

Het hele idee van voetenwassen en dienaarschap heeft me nooit zo aangesproken, want het voelt zo ‘laag’. Alsof je niks voorstelt en jezelf alleen maar moet wegcijferen voor de ander. Maar dit is niet het beeld dat Jezus schetst. Hij wist precies Wie Hij was, waar Hij vandaan kwam en waar Hij voor bestemd was. En vanuit die positie diende Hij. Hij cijferde zichzelf niet weg; Hij gáf zichzelf. Er is een groot verschil tussen jezelf wegcijferen en jezelf geven. In het eerste geval ken je jezelf geen waarde toe; in het tweede geval erken je juist je waarde en wil je uitdelen van de rijkdom die jou is gegeven.

Zelfontplooiing wordt vaak gezien als een doel op zich. Alsof het einddoel is bereikt als ik weet wie ik ben, en mij daarnaar kan gedragen. Maar daar begint het pas. We zijn bedoeld om te schitteren voor de ander. We hebben gaven gekregen tot opbouw van de gemeente.

De Korintiërs moesten deze les ook leren. Paulus schrijft: als u zo graag geestelijke gaven bezit, moet u ernaar streven uit te blinken in de opbouw van de gemeente (1 Kor. 14:12). Blijkbaar was er een groot streven naar geestelijke gaven, maar niet zozeer omwille van de liefde. In het hoofdstuk daarvoor had hij juist aangegeven dat de allergrootste gaven, verstoken van liefde, volstrekt zinloos zijn. Niet meer dan een dreunende gong of een schelle cimbaal (13:1). Maar in de context van liefde zijn de gaven een geweldige gave. En omwille van de liefde moedigt Paulus de Korintiërs aan zich er ten volle naar uit te strekken.

Zo is het ook met zelfontplooiing. Als het er alleen maar toe dient om gezien te worden, om invloed te hebben, om belangrijk te zijn, wordt het iets lelijks. Maar als we ons ernaar uitstrekken om volledig te gaan staan in de bestemming die God voor ons heeft, om onszelf volledig te geven aan de ander, dan is het prachtig. Dan nemen we onze plek in, als deel van het Lichaam, om bij te dragen aan de groei van het Lichaam, dat zo zichzelf opbouwt door de liefde (Ef. 4:16). Dan is het zelfontplooiing ten behoeve van Lichaamsontplooiing. Dát is het eigenlijke doel.
Dan zullen we, door ons aan de waarheid te houden en elkaar lief te hebben, samen volledig toegroeien naar Hem die het Hoofd is: Christus (Ef. 4:15). (Ons einddoel is Christus!)

Dus, hierbij moedig ik je aan: kom uit die rotskloof, laat je prachtige zelf zien en deel uit van de schatten die je van de Schepper hebt meegekregen, want jíj bént een gave.

Phillian
Bonfire Huis van gebed